10 Tips voor spannende foto’s in 2023

Deel deze pagina

December Lijstjesmaand is in volle gang als ik dit schrijf. Er wordt teruggeblikt alsof het leven eindigt en vooruitgeblikt alsof iemand de toekomst kan voorspellen. Tijd voor een lijstje waar je echt iets aan hebt: 10 tips die je helpen om in 2023 spannende foto’s te maken. Waarbij spannend zoveel betekent als ongewoon, niet alledaags en anders dan je normaal doet. Kortom, alles om fotografie interessant te houden. De tips zijn in de praktijk getest. Hier gaan we.

Vergeet alles wat je ooit geleerd hebt

Voor zover dat fotografie betreft, moet ik er aan toevoegen. Denk niet langer in termen als: zo hoort het. Er is geen wet ter wereld die bepaalt dat het onderwerp van je foto scherp moet zijn, dat de belichting “juist” is wanneer je camera dat beweert, dat de regel van derden beter is dan symmetrie of vice versa, dat je straatfotografie met een 35 mm-lens beoefent, dat ruis door een lage ISO-stand lelijk is, en ga zo maar verder.

Denk aan het moment dat je als kind voor het eerst een foto maakte. Je kende geen enkele regel. Toch kon je een foto maken. Keer terug naar die onbevangenheid. Als je merkt dat je een regel volgt, breek hem dan. Verander de sluitertijd of kijkhoek, pak een andere lens of ga een paar F-stops omlaag, en druk dan pas af. Het zijn de mensen die de regels aan hun laars lappen die de geschiedenisboeken halen. Ook in de fotografie. Dat is geen toeval. Zo maak je kunst.

Gebruik een wegwerpcamera

Ze zijn er nog: wegwerpcamera’s. Van die plastic dingen waarmee je 24 of 36 analoge foto’s schiet, die je achteraf niet op een display kan bekijken. Wegwerpcamera’s leveren misschien niet de scherpste of fraaist gekleurde foto’s van je leven op, mocht dat al belangrijk zijn, en in- of uitzoomen kan je ook vergeten, maar ze dwingen je wel te kijken. Elke foto telt, want het aantal opnames is beperkt. En je moet op zoek naar licht dat interessant is, want mogelijkheden om de belichting aan te passen zijn er niet. Wegwerpcamera’s sturen je vanzelf richting de heilige graal van de straatfotograaf: the decisive moment. Die ene fractie van een seconde dat alles juist moet zijn – volgens jouw maatstaven. Dat je achteraf een week moet wachten vooraleer je het resultaat ziet, voegt enkel spanning toe.

Koop fotoboeken

Als straatfotograaf investeer ik doorlopend. Niet in apparatuur, maar in fotoboeken. Mijn collectie fotoboeken is intussen meer waard dan al mijn camera’s bij elkaar, al kan dat ook aan mijn mediocre apparatuur liggen. Maar ik vind zien wat anderen doen, enorm leerzaam. Vooral in boekvorm. De beste fotografen slepen je mee in een andere, eigen wereld en dat kan in een fotoboek veel beter dan via losse afbeeldingen op Internet. Ik beperk me ook zeker niet tot boeken van straatfotografen. Van mij mag het vele kanten op gaan.

Helaas zijn fotoboeken nogal prijzig, zeker als het nieuwe uitgaven of gewilde verzamelaarsobjecten betreft, maar laat je niet tegenhouden: in tweedehands boekhandels, zowel offline als online, kan je veel moois voor een redelijk bedrag vinden. Ik vind fotoboeken ook interessanter dan exposities, die uiteindelijk maar vluchtig zijn. Naar een boek kan je een leven lang elk moment van de dag teruggrijpen. Kortom, doen.

Beperk je werkgebied

Hoe kleiner het oppervlak waarin je je beweegt, hoe meer je je best moet doen om steeds nieuwe invalshoeken te verzinnen. Natuurlijk kan je de wereld rondreizen voor foto’s, maar wie anders wil leren zien, blijft beter thuis. Soms letterlijk. Want om iets wat overbekend voor je is, op een nieuwe manier te fotograferen, moet je echt anders gaan kijken. Dat geldt ook voor straatfotografie in eigen stad of dorp. Jezelf dwingen het vertrouwde vorm te geven op een manier die niet vertrouwd is, maakt je een betere fotograaf. En die ervaring kan je nadien overal gebruiken, als je dan toch zo nodig verre oorden wil opzoeken. Maar begin dicht bij huis.

Schakel over naar kleur of zwart-wit

Niet iedereen die fotografeert, realiseert het zich, maar als je vooral in kleur werkt zie je niet dezelfde wereld als wanneer je vooral in zwart-wit schiet. En nee, niet alleen vanwege het kleurverschil. Een straatfotograaf die bewust zwart-wit kiest, wordt gevoeliger voor vormen, lijnen en contrasten, waar de kleurenfotograaf de omgeving speelser en sensitiever observeert. Je merkt dat pas als je bewust overschakelt. Je foto’s worden op den duur echt anders van toon, stemming en onderwerp.

Dus, schiet je nu in kleur, waarom je dan niet ertoe verplichten om een jaar lang enkel in zwart-wit te fotograferen? Of omgekeerd natuurlijk. Een jaar? Het tijd geven is aangeraden, want je oog moet wennen. Het duurt even voor je het maximale uit je nieuwe vormgeving kan halen.

Fotografeer nooit mensen

Straatfotografie draait voor velen om mensen. Zijn ze niet het onderwerp van de foto, dan toch zeker figurant. Het zit ingebakken in het genre. Maar zoals eerder gezegd: regels kan je aan je laars lappen. Waarom geen beeld van het straatleven geven zonder dat je mensen in beeld brengt? Om de opgave een graad moeilijker te maken: probeer die foto’s te maken op drukke plaatsen. Wees onverbiddelijk: staat er toch iemand op, wis de foto dan. Opnieuw word je gedwongen om oplossingen te zoeken waar je nu niet aan denkt.

Plan een vaste fotografiedag

Oefening baart kunst. Het is een uitgekauwd, oubollig gezegde, maar zoals bij de meeste clichés zit er een kern van waarheid in. Nee, veel fotograferen maakt je niet automatisch de nieuwe Cartier-Bresson. Je vergroot echter wel de kans dat je bijzonder werk gaat produceren. Op de sluiterknop klikken kan een klein kind (herhaal deze zin vijf keer hardop en er zit een knoop in je tong), maar leren fotograferen zonder schaamrood achteraf is een proces van trial and error.

Reserveer de tijd die je hiervoor nodig hebt. Heb je een vaste job, spreek dan met jezelf af dat je minstens een volle dag per maand erop uit trekt om enkel te fotograferen. Ga die dag de stad in, of voor mijn part de wei, en vertrek pas als je voeten echt niet meer kunnen. Zit er thuis niemand op je te wachten, doe het dan elk weekend. Je leeft maar één keer.

Streef naar minder likes

Gebruik je sociale media om je foto’s aan de wereld te tonen, dan ken je ze: likes. Ze geven je een prettig gevoel en maken je even iets minder nietig in het licht van de geschiedenis. Maar om te weten of je goed bezig bent, zijn likes niet de beste raadgever. Sterker nog, krijgt een foto heel veel likes, dan is ze eerder mainstream: doorsnee in goed Nederlands. Zoals ook de populairste liedjes en de best bekeken tv-programma’s zelden artistieke hoogvliegers zijn. Het algoritme van Instagram herkent overigens crowdpleasers, en vertoont deze aanzienlijk meer dan “moeilijke” foto’s waardoor ze vanzelf meer likes krijgen.

Merk je dus dat een bepaald soort foto van jou goed scoort, weersta dan de drang om meer van dat te produceren. Probeer foto’s te maken die hiervan afwijken. Ook dit dwingt je om na te denken over wat en hoe je fotografeert, en helpt je nieuwe wegen te ontdekken. Uiteraard moet het eindresultaat jou wel tevreden stellen. Maar laat het algoritme en je volgers niet je feed bepalen.

Verkoop (bijna) al je apparatuur

Nogal wat fotografen zijn gear freaks. Ze kopen geregeld een nieuwe camera, dan weer een batterij nieuwe lenzen en tussendoor gaan er filters, statieven en fototassen over de toonbank. Al die dingen maken geen foto’s. Ze plunderen je bankrekening en zadelen je op met keuzestress. Op de dag dat je herhaaldelijk foto’s mist omdat je niet kon beslissen welke lens of welke camera je moest gebruiken, is het hoog tijd om het zootje te verpatsen. Om een foto te maken heb je één camera nodig en één lens. En vooral: jezelf. Denk aan die laatste. Jij maakt de foto. Door je technische mogelijkheden te beperken, moet je alternatieven bedenken. Dat werkt bevrijdend. Je foto’s worden er beter van.

Luister naar anderen

Eerst stond hier: volg een workshop. En dat is een fantastisch, briljant en gewoonweg onweerstaanbaar advies, maar omdat ik zelf workshops geef, zou dit ongelooflijk slimme, gegarandeerd effectieve en niet te missen advies toch een commercieel bijsmaakje hebben. Maar het is een goede tip. Wat anderen zeggen, bijvoorbeeld de mensen die je in een workshop ontmoet, kan je op ideeën brengen. Dat is het doel van zulke bijeenkomsten. Je kan je ook aansluiten bij een fotoclub. Het is wellicht niet ieders ding, maar het kan je nuttige feedback opleveren.

Naar anderen luisteren, workshops volgen of fotoclubs versterken moet je echter niet verwarren met doen wat anderen zeggen. Een fotograaf tegen wie je opkijkt, kan prachtige voorstellen hebben, maar misschien werken ze niet voor jou als persoon of voor jouw manier van fotograferen. Alleen al erover nadenken helpt je echter verder. Een advies is pas geslaagd als het in de wind kan worden geslagen.

Tot slot: elf foto’s geschoten in december 2022 in Antwerpen. Gewoon omdat het kan. Maak er een spannend 2023 van.

Heb jij nog andere tips om fotografie op een nieuwe manier te benaderen, deel ze dan gerust hieronder.

2 reacties

Reacties zijn gesloten.

Terug naar boven