Beperk jezelf en maak betere foto’s

Deel deze pagina

Ik geloof in de kunst van de beperking. Hoe minder mogelijkheden je hebt, hoe creatiever je moet zijn om tot een goed resultaat te komen. Ook in straatfotografie. Je gaat er anders door kijken en meer door zien.

Soms heb je geen ideeën meer. En dat “soms” komt best veel voor. Bij mij toch. Er gaat geen week voorbij of ik zie het even niet zitten. Dan heb ik het gevoel dat ik telkens dezelfde foto maak. En zelfs die zag er al eens beter uit.

Wat moet je dan doen? De camera verkopen en toch eens piano leren spelen? Gear freaks die het niet meer weten, kopen wellicht een nieuwe camera, met nog meer megapixels, drie nieuwe toeters en zeven extra bellen. Maar geen enkele camera maakt goede foto’s. Dat doen alleen jouw hersenen. En die scherp je niet aan met een ander fototoestel.

Andere werkwijze bij fotografie

Om werkelijk andere foto’s te maken dan gewoonlijk, moet je vooral iets aan je werkwijze doen. Bijvoorbeeld, door jezelf regeltjes op te leggen. Spreek af met jezelf wat je wel of niet fotografeert, waar, hoe en waarom.

Beperkingen maken je beter als fotograaf. Als je binnen een strak kader werkt, moet je oplossingen zoeken die je anders links zou laten liggen. De nadruk ligt dan op observatie. En kijken is de basis van fotograferen.

Dat kan verrassende resultaten opleveren. Met een heldere opdracht kan je aan een eigen project werken. Als je de regels lang volhoudt, leiden ze vanzelf tot een eigen stijl. Uiteindelijk is een eigen stijl niets anders dan werk gemaakt volgens bepaalde regels.

*** lees door onder de foto ***

Straatfotograaf met beperkingen

Hier volgen ideeën voor als je aan straatfotografie doet. Ga ze zeker niet allemaal volgen, want dan blijft er weinig over om te fotograferen, maar kies er een paar die werkbaar zijn.

  • Gebruik consequent dezelfde camera. Heb je meerdere toestellen, kies dan niet de camera met de meeste mogelijkheden. Simpeler is vaak beter. Uiteindelijk heb je als fotograaf niet meer nodig dan ISO-waarden, diafragma en sluitertijd. Al het andere is franje.
  • Gebruik maar één lens. Wil je je echt beperken, kies dan een vaste lens met bijvoorbeeld een brandpuntsafstand van 35 of 50 mm. Of ga juist alleen maar zoomen. Telelenzen wekken op straat wel enige ongerustheid op en vertekenen het beeld. Houd daar rekening mee.
  • Kies voor een vaste locatie. Fotografeer uitsluitend in dezelfde stad, of dezelfde wijk, dezelfde straat of op hetzelfde plein. Of anders in hetzelfde dorp of gehucht.
  • Maak je foto’s op een vast tijdstip. Bijvoorbeeld alleen ‘s avonds. Of alleen op zondagmorgen in alle vroegte. Of tijdens het gouden uur.
  • Richt je op een bepaald onderwerp. Alleen maar mannen met snorren. Of vrouwen met blauwe jassen. Scooters. Parkbankjes. Treinreizigers. Winkelpersoneel. Of alles wat oranje is. De lijst aan mogelijkheden is eindeloos.
  • Vermijd bepaalde onderwerpen. Er mogen geen auto’s op de foto. Geen fietsen, huizen of honden. Of geen herkenbare gezichten. Of helemaal geen mensen.
  • Kies voor zon of regen. Alle weersomstandigheden creëren een eigen sfeer. Bedenk wel dat veel camera’s en lenzen niet van nat weer houden.
  • Werk alleen in kleur, of enkel zwart-wit. Heb je een sterke voorkeur voor het een, kies dan bewust eens het ander.
  • Beperk jezelf tot één formaat foto: landschap óf portret.
  • Verwijder systematisch dezelfde kleur bij de nabewerking. Maak je bijvoorbeeld veel nachtfoto’s, kan je geel of rood weghalen. Maar in wezen kan elke kleur geëlimineerd worden. Het geeft je foto vanzelf een andere sfeer.

Spreek met jezelf af hoe lang je de regels volhoudt. Er is geen ideale duur. Maar leg het wel vast. Geen einddatum kan natuurlijk ook, maar stop niet bij de eerste tegenslag. Een moeizame start is normaal.

*** lees door onder de foto ***

Nieuwe bril doet anders kijken

Geen enkele van die regeltjes maakt je vanzelf een betere straatfotograaf. Maar ze leveren wel nieuwe inzichten op en boren mogelijk een niet eerder ontdekte bron van creativiteit aan.

Mijn switch van zwart-wit naar kleur is bijvoorbeeld hierdoor ontstaan. Op zeker moment besloot ik een tijd alleen in kleur te schieten, ondanks dat ik best bedreven was geraakt in zwart-wit. Kleur opende nieuwe ogen. Tegenwoordig gaat mijn blik op straat vanzelf op zoek naar interessante kleurelementen, waar ze eerst vooral schaduw en geometrie zocht.

Ook verschoof het formaat naar breedbeeld, ontleend aan de cinema. Dat heeft gevolgen voor wat je in je compositie kunt stoppen. Ook op dat vlak moet ik nu anders kijken dan vroeger.

Zoals gezegd, de twijfels blijven terugkomen, ook bij mij. Doe ik het wel goed? De gedachte dat ik altijd weer een nieuw regeltje van stal kan halen, al was het maar voor een dag, doet me doorgaan. Om een knoert van een cliché uit de kast te trekken: less is more.

 


Deel deze pagina